Vasili Antipov – Opgesloten

Solsenitsjin revisited

‘Goelag’ is het gebied in Rusland waar sinds mensenheugenis burgers worden ‘gecorrigeerd’. In die strafkampen laten duizenden mensen het leven wegens idiote ‘vergrijpen’. Vasili Antipov geeft met dit boek een inside update anno 2024.

Het boek bestaat uit twee novellen: Danse Macabre en Opgesloten.

‘Danse Macabre’ gaat over de jonge Vasili Antopov. Hij beschrijft zichzelf en zijn groeipijnen luisterrijk en humoristisch, maar schuwt de duisternis niet:

“De eerste dood die me werkelijk diep raakte, was die van onze hond Zjoetsjka. Ze was een keer op straat achter ons aan gelopen, en we hadden haar mee naar huisgenomen. Ze was een bastaard Karelisch-Finse laika… Voor ieder gezinslid was Zjoetsjka meer dan zomaar een hond. Misschien kwam dat doordat ze in tijden van bloedige interne familieoorlogen, wanneer de kinderen die iets misdaan hadden werden verbannen en aan de rest zelfs verboden werd met hen te praten, zij het enige levende wezen was dat onvoorwaardelijk blij was om iedereen van het gezin te zien, ongeacht hun tijdelijke status binnen het gezin. Ieder van ons begroette ze met haar natte neus…Het enige waar ze niet van hield, was als ze werd gestoord tijdens haar slaap, opgerold in haar donkere berghok waar ze zich terugtrok om uit te rusten van de waanzinnige hoeveelheid contacten die ze moest onderhouden.”

‘Opgesloten’ gaat over een latere periode in Antipov’s leven, namelijk zijn tijd in het  gevangeniswezen. De aanhef is opgewekt: ‘Wit-Russischegevangenissen en psychiatrische instellingen van binnenuit’:

Antipov zit in de bus Frankfurt-Warschau-Minsk en de grens komt in zicht. Hij is high van de verdovende middelen, maar beseft nog net dat hij een pakketje in aluminiumfolie gewikkeld wit poeder in zijn zak heeft zitten. Bij de Poolse grens probeert hij dat te lozen, maar helaas, de grenswachten zijn met te veel. Een grenswacht komt met een speurhond binnen die rechtsreeks naar Antipov trekt. Hij is de sigarillo. Hij verdwijnt (na een op maat gemaakte ‘overtreding’) in het Huis van Bewaring nummer 7, Baba Vanga.

Zo exotisch als die naam klinkt, zo hemeltergend is die bajes. Hij verblijft in Cel 40:

“Het was vooral de stank. De stank van ongewassen lichamen die in een kleine ruimte opgesloten zitten: de cel was berekend op twaalf man, zes slaapplaatsen links en recht, stapelbedden van drie hoog. In het midden waren een kleine doorgang …

Erger nog dan die stank was de sigarettenrook die de onregelmatige muren van de cel en het plafond een muisgrijze kleur had gegeven.”

 

Dan volgt een beschrijving van de andere gevangenen en hun ‘misdaden’, die al even absurd zijn als de situatie in de gevangenis. Als het niet zo treurig was, zou je erom kunnen lachen. Gelukkig geeft de lakonieke schrijfstijl van Antipov enigszins tegenwicht.

Veel meer dan deze korte inzichten in dit waanzinnig kwaadaardige verhaal kan ik hier niet kwijt. Lees en huiver.

ISBN: 97890835616

Uitgeverij van Oorschot

Ook verschenen op Boekenkrant 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *