Elin Meijnen – De tweede stem

Overwint Mette het verleden?

Mette draagt een geheim met zich mee. Op haar vorige school gebeurden … nare dingen die ze liever wil vergeten. Daarom gaat ze met plezier naar haar nieuwe school, waar niemand haar kent. Ze begint met een schone lei en wordt met haar zangtalent al snel opgenomen in het creatieve kringetje rondom de schoolmusical.

De zon schijnt weer helemaal. Behalve dat er opeens een nieuwe docent op haar nieuwe school komt. Nieuw, maar voor haar een oude bekende. Het verleden haalt haar in.

Dit boek is het tweede deel in de Blossom Books Shorties. Een serie volgens de uitgever “die we hebben ontwikkeld speciaal voor de lezers die wél graag toffe verhalen lezen, maar (nog) geen zin hebben in honderden pagina’s. Het is de bedoeling dat er nog veel meer gaan komen, dus als je houdt van dit soort boeken, houd ons dan vooral in de gaten!”

Doen we, maar eerst even deze doornemen. Dat kost geen moeite: het verhaal is pakkend, het leest lekker weg, behandelt een belangrijk onderwerp en is exact in de taal en gemoedstoestand van de doelgroep geschreven. We leren Mette kennen, een meisje dat op een nieuwe school is gestart. Een grote scholengemeenschap; ze zit in v4b tussen leerlingen met laptops, lokalen met digiborden. Haar veilige wereldje ligt achter haar: de school met de zachte kleuren.

Een goede aftrap. De lezer moet wel bij de les blijven want de stukken tekst zijn verdeeld in ‘TOEN’ en ‘NU’ – de twee periodes uit haar leven die ze hier beschrijft. Zoals al snel blijkt was ze op haar vorige school prima op haar plaats. Daar werd ze door muziekjuf Madeleine vooraan in de klas gezet omdat Madeleine haar zangtalent had gehoord en herkend:

TOEN

“’En jij bent ontzettend muzikaal. Ik heb het wel gehoord…’

Ik werd er verlegen van. Zei de dat echt? Over mij?

Haar donkere ogen keken me doordringend aan. ‘Ik wil jou voortaan op de voorste rij hebben tijdens de muziekles. Goeie stemmen moeten vooraan.’

Ik zweefde het lokaal uit. Vanaf dat moment was ik het lievelingetje van Madeleine.”

Jammer genoeg voor Mette is dat geluk niet blijvend. Er gebeuren dingen waardoor ze haar plezier in de muziekles verliest, sterker nog: ze wil niet eens meer op de school met de zachte kleuren blijven. Zo belanden we in haar nieuwe leven, op de school met de digiborden, en kan ze aan een vers level van haar leven beginnen. Hoewel?

NU

“Trillend blijf ik achter. Ik merk dat de tranen over mijn wangen lopen. Eddy slaat een arm om mij heen ‘Kom lieverd, we gaan even naar de wc. Slokje water drinken. En dan ga jij me vertellen wat hier zojuist gebeurde.’”

Uh-oh. Wat er precies gebeurt laten we aan de lezer(es), maar erg plezierig is het niet. Mette moet weer haar leven op orde zien te krijgen.

Elin Meijnen verplaatst zich goed in de wereld van pubers. Alle gierende emoties, de meestal onbegrijpelijke houding van volwassenen, het groepsgedrag in een klas, leuke scholen en shitscholen, het komt allemaal natuurgetrouw voorbij. Ook de onderwerpen spreken aan, en Meijnen snijdt er nogal wat aan. Sexualiteit, pesten, muziek, gender, onbegrijpelijke ouders, geaardheid, groepsdynamiek en uitsluiting, maar gelukkig ook troost en liefde. Een rijk verhaal dat prima wegleest. Gun jezelf die luxe.

Sterren: ***

ISBN: 9789463492218

Uitgeverij: Blossom Books 

Ook verschenen op De Leesclub van Alles 

 

Joan Didion – Het spel meespelen

Een generatie onderweg naar nergens

Het waren de hippies, de beatniks en de dromers die na de Tweede Wereldoorlog weer een beetje idealen koesterden van een vredige wereld. Niet dat ze die over het algemeen omzetten in daden; in de vroege zestiger jaren was het makkelijker om daarvan te dromen, niet zelden geholpen door geestverruimende middelen. Een golf van ongewassen beatniks trok door Afghanistan of Tibet ter bezinning en bouwde weer thuis hun eigen communes. Alles werd beter. Ooit, weet je wel.

De late jaren zestig stelden dat beeld van een gelukzalig ideaal een beetje bij. Leven van de lucht was toch lastig, bloemenkransen vlechten zorgde niet voor een loonstrookje. Het leven was weerbarstiger dan het leek, het viel eigenlijk in sommige gevallen zelfs een beetje hoe zeg je dat, tegen. Over die tijd gaat dit boek van Joan Didion, in Amerika, over Maria en Carter.

Die twee hebben een wat gecompliceerde relatie. Zij is een vastgelopen filmster. Een paar succesvolle films gehad, wat geld op de bank, leuk huis, zwembad – ze hoeft er alleen maar wat plezier aan te beleven. Dat is een probleem. Maria heeft geen doel meer in het leven. Ze wordt niet meer gevraagd voor filmrollen, mensen kennen haar van horen zeggen maar ze is ook weer niet zó beroemd dat ze voor rode lopers wordt uitgenodigd, en ze heeft Carter.

Carter is ook succesvol – als filmproducent. Het verschil tussen hem en Maria is dat hij nog wél volop aan het werk is. Hij heeft connecties, maakt nieuwe films, is een graag geziene gast op de party’s. Ooit waren Maria en hij minnaars. Maar nu niet meer. Ze probeert wel weer wat gevoelens voor hem te krijgen, maar ja.

“De eerste nacht in de drukkende hitte van het motel in de woestijn keerde Carter Maria zijn rug toe zonder iets te zeggen. De tweede nacht stond hij op en ging in het bed in de andere kamer liggen.

“Wat is er,’ zei Maria, die in het donker in de deuropening stond.

‘Het gaat niet beter.’

‘Hoe weet je dat?’

Hij zei niets.

‘We hebben het niet eens geprobeerd.’

‘Jij wil het niet.’

‘Wel waar.’

‘Nee,’ zei hij. ‘Je wil niet.’

Maria draaide zich om. Daarna ging zij of Carter meestal in de andere kamer slapen. Soms zei hij dat hij moe was, en soms zei zij dat ze wilde lezen, en soms zei niemand iets.”

Deze tekst zegt het wel: het leeft niet meer. In een zelfgeschapen perpetuum mobile van lethargie, pillen en drank brengt Maria haar dagen door. Joan Didion vat de uitzichtloosheid van Maria trefzeker in haar constante verwarring, bedwelming (pillen, drank) en kleine oplevingen met opvlammende hoop die echter al snel weer de bodem wordt ingeslagen. Om iets te doen te hebben, doodt ze de tijd bijna elke dag met honderden kilometers autorijden door de Mojavewoestijn en af en toe een pauze voor een koude cola.

Een ontmoedigend boek dat de duistere kanten van het schijnbaar maakbare leven van The American Dream laat zien. Didion schreef een confronterend en rauw verhaal over de fundamentele onmaakbaarheid van het bestaan. Prima geschikt op herfstavonden met veel vallende blaadjes – met niet te veel drank erbij.

Sterren: ***

ISBN:  9789029540797

Uitgeverij: Arbeiderspers

Ook verschenen op De Leesclub van Alles