Marc van Dijk & Sander ter Steege – Becky Breinstein, Het ravijn van Nietzsche

De diepere Nietzsche

Het is een leuk concept, een graphic novel-serie die de grootste denkers aller tijden voor het voetlicht brengt. Kekke plaatjes, een spannend verhaal en je krijgt inzicht in de peilloze denkwereld van ’s werelds grootste filosofen. Wat kan er nog mis gaan?

Eén dingetje. Het is als onbekommerd lezertje niet handig om gewoon, op pagina 1, aan het verhaal te beginnen. De kans is dan namelijk groot dat de vertellijn geheel langs je heen glijdt. Want als je dit leest, is het grappig? En zo ja, waarom? Misschien sla jij na een paar bladzijden het boek wel gefrustreerd dicht. Want waar de fok gaat dit over?

Rustig, niet gooien met boeken. Het helpt om meteen eerst even door te bladeren naar pagina 174, waar de inspiratiebron van de makers staat. Friedrich Wilhelm Nietzsche is dat, de Duitse filosoof uit de laatste helft van de 19e eeuw. Op zijn geest is dit verhaal geënt, dus de grappenmakerij (die hij ook graag bedreef) hoort erbij. Net als zijn ongeduld en zijn niet zo goede communicatie met de rest van de mensheid.

Oké, we hebben die twee pagina’s doorgenomen. Handige verwijzingen naar de bladzijdenummers ook. Dat helpt. We beginnen opnieuw. Nu gaat de geschiedenis wel leven, snappen we de grappen ook beter. En de teksten die de getekende snorremans uitkraamt: ‘God is dood! Zo spreekt Snorrie!’. Ook de tekeningen gaan spreken; zoals die van het aquarium dat steeds opnieuw wordt schoongemaakt: ‘Alweer de blobvis verschonen, hè? Zou het waar zijn dat alles zich steeds herhaalt? Zoals dit moment?’ Het zijn uitspraken van De Filosoof Zelve.

We zitten in de flow. En we leven mee met de oude filosoof. Met de grappige cartoonstijl tekeningen en de korte, vinnige dialogen is dat goed te doen. Schrijver en tekenaar stemmen tekst en tekeningen goed op elkaar af. Ze bouwen gebbetjes in, soms een dwaalspoortje, dan weer een kwinkslag, en zo doorlezend/kijkend komt een aardig één op één vergezicht naar boven van de eindeloze zoektocht van deze eigenwijze bergbeklimmer.

Dit boek is de tweede graphic novel van Becky Breinstein. Deel 1 heet ‘De gifbeker van Socrates’. De serie laat de grootste denkers aller tijden zien op een toegankelijke manier.

Op www.beckybreinstein.nl vind je meer informatie.

Sterren: ***

ISBN: 9789025907136

Uitgeverij: Ten Have

Ook verschenen op De Leesclub van Alles en Tiktok

 

Philip Huff – Wat je van bloed weet

Papa is boos

Het citaat van Kafka op de allereerste pagina werpt de schaduw vooruit. Het is een fragment uit een brief van Franz aan zijn vader. “Trouwen, een gezin stichten, alle kinderen die maar willen komen aanvaarden, ze in deze onzekere wereld behoeden en ze ook nog een beetje leidinggeven, dat is naar mijn overtuiging het allerhoogste waarin een mens kan slagen.”

Dan komt het verhaal. We zitten in het hoofd van een jongetje dat wakker wordt in zijn broertjes bed, zijn broertje slaapt nog. Er is stilte, die het jongetje nerveus maakt. Hij komt uit de kamer en ja – scherven van een vaas op de lichtgroene vloerbedekking, bloemen verspreid op de grond. Op de wc kijk je naar buiten en inderdaad, zijn auto is weg.

“In de keuken ruikt het naar koffie.

‘Goedemorgen,’ zegt je moeder. Ze draagt een ochtendjas van dunne, glimmende, hier en daar versleten donkerblauwe stof. De zijkant van haar gezicht is rood en gezwollen.”

Er is geen buitengewoon goede verstaander nodig om deze aanwijzingen te duiden. Het botert niet erg tussen papa en mama, om aan de eufemistische kant te blijven. Door de ogen van het jongetje krijgen we verdere informatie in brokjes toegediend. Zijn wereld is nog klein, maar aan alle kanten, vooral van de mannelijke ouderkant, onveilig. Met voelhoorns op loopt hij letterlijk op kousenvoeten door het ouderlijk huis, een villa in het Gooi, hopend dat zijn vader in een goed humeur is. Spoiler: vaak niet.

Huff neemt de tijd om het verhaal uit te bouwen. Vanaf de slaapkamerscène groeien en reizen we met de verteller mee, van Bussum naar Blaricum naar Laren naar Tiveden en Juan-les-Pins. Het leven van de jongeman wordt breed uitgemeten, iets te breed naar het oordeel van deze lezer. Ja, het verhaal is heftig, en de traumatische omgeving waarin de arme jongeman moet zien te overleven is een psychologisch mijnenveld, maar het had iets compacter verteld kunnen worden.

Dat zijn natuurlijk spijkers op laag water. Het is een intiem verhaal over een harde waarheid die zachtjes verteld wordt, steeds nieuwe sluiers oplichtend, met centraal het hartverscheurende beeld van een opgroeiend mannetje in een gewelddadige omgeving. Een mannetje dat bij alles wat hij doet, zijn vader moet mijden en zijn moeder met medelijden probeert te beschermen. En zijn broertje. Die blijkt namelijk op zijn eigen manier om te gaan met de oorlog tussen zijn ouders; geen manier waarvan hij vrolijker wordt.

Zo’n leven  laat diepe emotionele wonden na, die moeizaam helen. Als ze al helen. Huff laat gedurende het verhaal de worsteling zien waarmee de beide jongetjes moeten dealen. Het broertje van de hoofdpersoon heeft wat meer moeite met die ongemakkelijke waarheid van zijn ouders:

“Vergeten is jouw manier van ontkennen, van negatie, een soort medicijn: je verliest wat je verdriet doet of, erger nog, wat je kan gijzelen. Je broertje, daarentegen, onthoudt alles. Die zwelt op van het verdriet, met een heel leger van gijzelnemers achter zich aan. Er is niet genoeg ruimte in jouw hoofd om alles te begraven, zoals voor jouw broertje niet genoeg land bestaat om te kunnen blijven vluchten.”

ISBN: 9789044650518

Sterren: ****

Uitgeverij: Prometheus

Ook verschenen op De Leesclub van Alles en Tiktok

 

Machiel Hoek – Het meisje dat de wereld veranderde

Zoek jezelf, zuster

Het omslag trok me over de streep – dat prachtige rode lettertype met de veelbelovende titel in een witte cirkel, het meisje in silhouet eronder, op een zwart plateau haar toekomst tegemoet wandelend. Geweldig.

Dus begon ik een paar dagen later in het bijbehorende verhaal. Korte inhoud: het meisje (dat meisje uit de titel, ja) voelt zich in deze wereld niet plezierig. Ze is eenzaam, het lijkt of alles en iedereen tegen haar is. Haar opa hoort dat en gaat haar het geheim van het leven laten ontdekken. Ze wordt geconfronteerd met haar angsten die ze overwint, maar er komt nog iets belangrijks aan het licht.

Die opzet van opa/kleindochter komt bekend voor. Meester/leerling, vakman/gezel, letterkundige/analfabeet, bruut/softie: een tegenstelling werkt erg goed om een verhaal te ondersteunen en de lezer daarin mee te nemen. Zo ook hier: Lisa komt op gezette tijden bij opa om haar hart te luchten, en opa merkt dat ze niet lekker in haar vel zit. Hij gaat haar helpen.

Hier komt het belang van goede dialogen om de hoek kijken. De lezer krijgt de rest van het boek een tweespraak tussen de oude man en het meisje voorgeschoteld die niet erg naturel verloopt. ‘Show, not tell’ is een oude schrijverswet, die hier beter toegepast had kunnen worden. Zo lezen we als Lisa haar frustraties met hem deelt:

“Opa’s glimlach werd groter. ‘Bravo meissie,’ zei hij met een krachtige stem.

Lisa keek hem met een verbaasde en vragende blik aan.

‘Ik ben onder de indruk,’ verklaarde hij zich nader…

‘Ben je niet kwaad of teleurgesteld?’ vroeg Lisa voorzichtig.

‘Integendeel,’ zei opan met luide, enthousiaste stem…

‘Je hebt volledig gelijk,’ zei opa enthousiast.

Een ander puntje is de pregnante wijsheid van opa. Als ik Lisa was, zou ik al een paar keer tegen opa gezegd hebben dat hij best iets uit mag leggen, maar asjeblieft niet zo vanuit alwetendheid:

Opa helpt Lisa van haar spinnenangst af met een filmpje:

“De kinderen waren een grote zwarte spin aan het pesten, die uit zijn schuilplaats tevoorschijn kwam.

Lisa gilde nog eens en deed haar handen voor haar ogen. ‘Gadverdamme! Ik kan hier niet naar kijken!’

Opa stopte het filmpje. ‘Je ziet wel een spin, maar hij is hier niet hè?’

Lisa … keek opa met een angstige blik aan. ‘Snap je dan niet dat ik het vreselijk vind om en spin te zien en al helemaal zo’n joekel?’

‘Ik snap het wel en toch weet ik dat jij ook weet dat het niet hetzelfde is als een echte spin. En voor het project is het belangrijk dat je dit filmpje in zijn geheel ziet, dus wil je je over je angst en weerzin heen proberen te zetten en even met me mee blijven kijken?’

Ja, zou je willen roepen, we snappen het.

Oké, de stijl kan beter, maar het idee achter het verhaal is goed. Opa leert Lisa de geheimen van het leven, eigenlijk leert hij haar zichzelf zoeken. Inhoudelijk betreden we dan esoterisch terrein. Voor de gevorderde lezer op dit gebied komt er veel bekends voorbij. De geheime leer, Bhagavad Gita, De Alchemist, Een cursus in wonderen, Een ongewoon gesprek met God, The Secret, allemaal boeken die Lisa mag bekijken. En ervan leren. Zo leert ze breder om zich heen te kijken.

Nieuw is dat allemaal niet, wel nuttig om kennis van te nemen. Maar de crux van het boek is wel nieuw- een mooi inzicht dat inderdaad een leven kan veranderen. Dat leert Lisa dan toch maar weer van die ouwe opa, en zoals dat gaat in de wederkerige wereld van de spiritualiteit, steekt opa zelf er nog wat van op.

Een leuk boek dus, met een aardig verhaal. Dat daarmee de lezer naast bekende wijsheden, ook een brandnieuwe blik op het leven biedt. Al kleurt dat de wereld maar één tintje mooier, dan is dat mooi meegenomen.

ISBN: 9789493280090

Sterren: ***

Uitgeverij: Paris Books

Ook verschenen op De Leesclub van Alles en  Tiktok

 

Roxane van Iperen – ‘t Hooge Nest

Het hele verschrikkelijke verhaal

Het is één van de – ook internationaal – bestsellendste Nederlandstalige boeken van de laatste jaren: meer dan 275.000 maal verkocht and still counting. We hebben het over ‘t Hooge Nest’, geschreven door jurist en schrijver Roxane van Iperen.

De totstandkoming van het boek is interessant: van Iperen zocht een huis. Ze stuitte aan de rand van het NoordHollandse dorp Huizen op een schitterend gelegen huis in het bos. Op de gevel een naamplaat: ‘t Hooge Nest. Ze trok er met haar gezin in en verdiepte zich in de geschiedenis. De rest werd haar geschiedenis.

Het grote oude huis herbergde in de 2e Wereldoorlog veel (Joodse) onderduikers. Dat lijkt een spannend avonturenverhaal, maar de realiteit was meedogenlozer. De Nazi’s joegen op Joden en deden dat grondig. Gedurende de oorlog was het vaak ook bij ‘t Hooge Nest kantje boord, maar de onderduikers werden niet gevonden. Pas toen de oorlog ten einde liep, ging het mis. In dit ultragedocumenteerde boek staat de complete geschiedenis van het huis in het bos tijdens de oorlogsjaren in het Gooi.

Oorlog, onderduikers, jodenjagers, klinkt dat zwaar? Inderdaad, en van Iperen gaat die ongemakkelijke waarheid niet uit de weg. Integendeel, ze vertaalt de hele verschrikkelijke historie knap naar een meeslepend verhaal. Wel een verhaal met buitengewoon naargeestige trekken, vooral als je je na lezing realiseert wat mensen elkaar aan kunnen doen, opgezweept door een zieke ideologie.

Het eerste dat opvalt is de meticuleuze werkwijze van de schrijfster. Vanaf zin 1 is het duidelijk dat ze het onderwerp scherp heeft. Geen detail is haar ontgaan, geen stukje van de geschiedenis is niet nageplozen, geen plek die genoemd wordt is onbezocht, geen verhaal van de overlevenden is niet gecheckt. Dat geeft het boek een griezelige actualiteitswaarde mee. Het is niet meer alsof het verhaal speelt in een mistige periode van 70 jaar geleden maar we maken het hier en nu mee, en we worden er met onze neus bovenop gedrukt.

Dat is één van de redenen dat dit boek zo’n indruk maakt, ook op nabestaanden. Dat is goed te lezen in Brieven aan ’t Hooge Nest dat in 2021 uitkwam. Toen ‘t Hooge Nest zo’n verkoopsucces werd, kwam een stroom brieven uit de hele wereld op gang, richting de brievenbus van dat huis. Enorm veel mensen voelen zich aangesproken door de ontrafeling van deze geschiedenis, en haast nog meer mensen hebben met terugwerkende kracht gevoelens van woede, rouw, spijt en ongeloof.

Een andere reden is de gedetailleerde manier waarop het boek is geschreven. Het leven van de zussen Brilleslijper en hun geliefden rijst letterlijk in geuren en kleuren uit de bladzijden op. De geluiden van de merels in de tuin van het paradijselijk gelegen huis, de zon die opkomt boven de bomen, de kleuren van de seizoenen, het IJsselmeer dat ligt te schitteren aan de horizon, het knerpen van het grind op de oprit, het brute binnendringen van NSBers, de vertwijfeling van de onderduikers. Alles komt fel tot leven, en wordt even fel door de lezer ondergaan.

Nog een succesfactor is de karakteruitwerking van de personages. Zeker bij een verhaal als dit, waar goed en kwaad lijnrecht tegenover elkaar staan, is het verleidelijk die eigenschappen volautomatisch aan de goeden en slechten toe te wijzen. Maar in die val trapt de schrijfster niet. Ze nuanceert naar waarheid de gemoedstoestanden van de hoofdrolspelers in dit drama. Dus een NSBer op zoek naar ondergedoken Joden hoeft niet 100 % een bad guy te zijn. En een ondergedoken verzetsstrijder is nobel, zeker, maar kan ook jaloers zijn, of zelfs een verrader. Dat maakt het verhaal zo echt als het ook daadwerkelijk gebeurd is.

Een misschien minder in het oog springende bijdrage aan de populariteit van het boek zijn de beschrijvingen van de grove mensenrechtenschendingen die in een oorlog plaatsgrijpen. Zonder omfloerste taal legt van Iperen die mensonterende daden de lezer voor: dit was het dus. Het was de smerige realiteit dat de weggevoerde Joden in luizige, overbevolkte kampen werden gestouwd. Maar ze werden ook dagelijks vernederd, weer een stukje verder uitgehongerd en mishandeld. Het fysieke misbruik was zwaar; het geestelijke aftakelen was nog fataler.

In dat opzicht is het laatste deel van het boek het indrukwekkendst, was het althans voor mij. De helletocht van de zussen Brilleslijper en hun verwanten, als ze opgepakt zijn en op transport gaan, wordt de lezer in het netvlies gebrand. De overvolle treinen die dagenlang onderweg waren en alleen stopten om nog meer magere, stinkende mensen in de wagons te proppen, de viezigheid, de onzekerheid. Het verblijf in de kampen, half uitgehongerd, naakt, nog meer vernederd en elke dag de vraag of jij dit keer naar de verbrandingsoven ging, of toch nog niet.

Zo is dit indrukwekkende verhaal een mooie, maar ook harde leeservaring. Toch zou ik het lezen ervan verplicht willen stellen. Al was het maar voor iedereen die zich bij het begrip Jodenvervolging niets kan of wil voorstellen.

 

ISBN: 9789048854783

Sterren: ****

Uitgeverij: Lebowski

Ook verschenen op De Leesclub van Alles en Tiktok

 

Roxane van Iperen – Brieven aan ‘t Hooge Nest

Corresponderen over het onzegbare

‘t Hooge Nest’, geschreven door jurist en schrijfster Roxane van Iperen, behoeft geen introductie meer. Het boek is een internationale bestseller, stond hoog in de New York Times top tien en behalve een enorm bereik van het indrukwekkende verhaal, leverde dat de schrijfster een tsunami van brieven op van over de hele wereld. Zo veel brieven, dat ze besloot ze te bundelen in dit boekje.

Het is “Een simpel streven zoveel mogelijk stemmen aan het woord te laten. Geen historici, onderzoekers of oorlogskenners, hoewel die niet zijn uitgesloten, maar willekeurige lezers die zich geroepen voelden hun persoonlijke ervaringen op te schrijven over gebeurtenissen nu of uit die tijd.”

Naast de bloemlezing aan brieven is opgenomen de 4-meilezing ‘Stemmen uit het diepe’, die van Iperen in 2021 uitsprak, de Cleveringalezing en een verslaglegging van de ontruiming van Het Apeldoornsche Bosch in 1943, een psychiatrische instelling.

Om met de laatste te beginnen: die ontruiming vindt, voor zover mogelijk, op nog mensonterender wijze plaats dan de gebruikelijke Jodentransporten naar de concentratiekampen. Deze instabiele patiënten worden naar buiten gejaagd, waar ze in de klaarstaande laadbakken van vrachtwagens worden geslagen, en naar station Apeldoorn gereden. Een kolonne lege goederenwagons wordt vervolgens gevuld met opnieuw opgejaagde patiënten. De wagons worden letterlijk tot de nok volgestapeld, tot er niets meer bij kan en de deuren worden dichtgeforceerd. De luchtkokers worden van buitenaf hermetisch gesloten. Wat vervolgens in de dagenlange reis naar Auschwitz-Birkenau met de slachtoffers gebeurt, gaat het normale menselijke voorstellingsvermogen te boven. Wat er nog aan overlevenden rest, wordt bij aankomst vergast en verbrand. Of rechtstreeks in een kuil gestort en verbrand, als we de versie van Dr. Lou de Jong volgen.

Geen fijne kost, nee. Ook dit verhaal sluit aan in een lange rij beestachtige handelingen die de Duitsers jegens de Joden uitvoerden. De brieven van lezers van ’t Hooge Nest dragen allemaal de sporen van dat besef, uit welke uithoek van de wereld ze ook komen:

“Maar nu, door het boek, heb ik Janny en Lien Brilleslijper echt leren kennen… Ik was met hen in Amsterdam, in Bergen aan Zee, in Westerbork, opgepropt in de stinkende trein en aankomst in Auschwitz … toch was er hier en daar een sterretje hoop te midden van de hopeloosheid, daar was liefde, daar was steun, daar was kracht … Dit verhaal moet levend blijven. De geschiedenis herhaalt. Ik woon al meer dan zestig jaar in de Verenigde Staten.”

“Vreemd genoeg heeft het mij nooit wezenlijk geraakt. Nu bij het lezen van dit boek zijn er bij mij voor het eerst na 75 jaar veel emoties losgekomen en moest ik regelmatig huilen. Dat is wat ik graag wilde vertellen. Ik ben daar dankbaar voor.”

“Regelmatig heb ik mezelf afgevraagd hoe moedig ik toen geweest zou zijn…”

Die laatste vraag raakt de kern van van Iperens overtuiging, en van haar drive om deze verhalen zichtbaar te maken. Het gaat erom jezelf trouw te blijven. Ze sprak in 2019 de Cleveringarede uit; ook opgenomen in dit boek.

Hoogleraar Rudolph Pabus Cleveringa had de moed om op dinsdag 26 november 1940 in het Groot-Auditorium van het Academiegebouw van de Universiteit Leiden een protestrede uit te spreken tegen de Duitse maatregel zijn joodse collega’s van de waarneming van hun functie te ontheffen. Het was een drieste beslissing, maar hij moest het doen. Hij kon zichzelf niet ontrouw zijn.

 

ISBN: 9789048862986

Sterren: ****

Uitgeverij: Lebowski

Ook verschenen op De Leesclub van Alles en Tiktok