Merethe Lindstrom – Als we zingen

Erfenissen van een verknipte jeugd
Je waant jezelf in Scandinavië (Noorwegen, blijkt gaandeweg) als je in dit boek valt. Is het de sfeer, de taal, zijn het de gedragingen van de personages? Het is moeilijk te definiëren maar er hangt een aura van lichte gestoordheid rondom het zomerhuis waar moeder, vader en tweelingbroer Kasper wonen samen met hoofdpersoon Agnes.
Dit is een Agnes waarbij Pippi Langkous verbleekt. Die hield ook van een feestje, tilde met gemak een paard boven haar hoofd, deed de gekste dingen. De Agnes in dit verhaal woont in een koud, lekkend zomerhuis met moeder, vader, broer Kasper. Er is sprake van een tragisch voorval in het verleden waarbij een kind overleed, er is een nieuw pleegkind Bastian aangeschaft en Agnes groeit in onevenwichtigheid op. Ze ontdekt de wereld op geheel eigen wijze. Gaat dat goed?
Natuurlijk niet. Om de analogie met het werk van Astrid Lindgren voort te zetten: de kinderen van Agnes krijgen een vrije opvoeding. Zacht uitgedrukt. Tussen papa en mama botert het niet erg – vooral papa is niet blij. Hij dicteert het leven in huis, zorgt ervoor dat alles om hem draait en leeft zijn frustraties van zijn baan op school thuis uit. Mama is niet tegen zijn botheid opgewassen dus negeert ze het machogedoe en doet haar eigen ding. De lezer krijgt een inkijkje in de mores van het dorp als Agnes bij de schoolarts komt:
“Binnen bij de dokter moet ik mijn korte broek uittrekken, die op de grond belandt… De dokter is niet oud … Hij raakt me overal aan, maar stopt bij wat onlangs besloot mijn borsten te worden, de kleine knopjes steken naar voren als het koud is. En het is koud in de kamer van de schoolarts. Hij staat achter me en ik moet mijn armen opzij uitstrekken terwijl hij daar over mijn huid tast, hij voelt altijd maar aan mijn tepels en trekt ten slotte zijn hand terug met een zucht.”
Deze argeloze, nog niet volgroeide taal van het meisje Agnes geeft meedogenloos het vreemde leven in genoemd dorpje weer. Ze kijkt er met verwondering naar, maar naarmate ze ouder wordt, gaat ze sommige aspecten van haar leven beter begrijpen. En onderneemt guerrilla acties:
“Als ik het theezakje opvis, duw ik het met een lepeltje tegen de rand. Papa wil suiker, ik moet er twee theelepeltjes suiker in doen en roeren tot alles opgelost is. Ik maak een lange, taaie spuugklodder die even boven de kop blijft hangen tot ik hem in de thee laat vallen, wat hij altijd zonder veel tegenspraak doet. Tot slot doe ik er een wolkje melk in, hij wil niet altijd melk, maar dankzij het wit is het spuug minder goed zichtbaar.”
Meer, heel veel meer eigenaardigheden van dit gezin vindt u terug in de rest van het boek. Dysfunctioneel is de familie niet, niet helemaal; maar harmonieus is het ook niet. Wel een leesfeest, dat zeker.
—
ISBN: 9789493367289
Uitgeverij Oevers
Ook verschenen op Boekenkrant en TikTok



Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!