Edith Wharton – Het rif

Suspense en liefdesperikelen

Begin te lezen in dit ‘Het rif’, en je stapt regelrecht in een tijdmachine. Dat klopt want het kwam in 1912 uit. En – leuk feitje – stond meteen garant voor een schandaal. De recensenten uit die tijd vonden het verhaal schokkend en onfatsoenlijk.   

Edith Wharton zag dat anders: zij had in dit verhaal al haar volwassen wordende gevoelens en ontluikende seksualiteit gestopt. En ook al was dat zwaar verbloemd, toch kun je die verwarring en passie nog altijd uit het boek opmaken.

Voor de liefhebbers van eloquent meanderende zinnen die met onverwachte wendingen links, dan wel rechtsaf slaan, en protagonisten die achteloos een lustig versierd gebakje van een tafeltje in de conditorei meepikken, de slagroom met het puntje van de tong voorzichtig oplikkend terwijl ze een steegje doorwandelen, schuin kijkend naar de hoogstaande vakwerkarchitectuur van deze eeuwenoude stad, eindigend aan een tafeltje op een zonovergoten maar convenient door een rieten dakje afgeschermd terras.

Goed, denk deze stijl en u komt aardig in de buurt van de cadans van dit verhaal. Is dat saai, traag, gaapverwekkend? Neen. Wharton was veel te getalenteerd om een slecht boek te maken. Ze zet een prachtverhaal neer, vol sluierend/hunkerend verlangen en ontbottende liefde.

Dat ze dat in omfloerste taal deed, lag waarschijnlijk aan de wat preutse mores van de tijdgeest. Maar als we lezen over het samenzijn van hoofdpersoon Sophy Viner en de knappe diplomaat George Darrow, spat daar wel degelijk passie vanaf. Hier draaien ze virtueel om elkaar heen, plagerig met woorden gooiend:

Darrow is aan het woord:

“Als u me aardig genoeg vindt om een paar dagen vakantie mee te vieren, louter om het plezier, en het plezier dat u mij ermee doet, laten we elkaar dan de hand schudden. Als u me niet aardig genoeg vindt, dan schudden we elkaar ook de hand. Alleen zou ik dat jammer vinden,’ zei hij tot slot.

‘O, ik zou het ook jammer vinden!’ Toen ze haar gezicht naar hem ophief, oogde het zo klein en jong dat Darrows geweten vluchtig opspeelde, maar de opwinding van de jacht overstemde dat gevoel onmiddellijk.

‘Wel?’ Hij keek vol overreding op haar neer…. U hoeft heus niet bang te zijn dat u me beledigt!’

Ze bungelde voor hem als een blad op een kruispunt van twee windstromingen, dat met het eerstvolgende zuchtje voorwaarts waaide of achterwaarts wervelde. Toen wierp ze het hoofd in de nek op de eigenaardige, jongensachtige manier die haar op momenten van opwinding eigen was. ‘Hoe ik erover denk? Wilt u weten hoe ik erover denk? Nou, dat u me de enige kans biedt die ik ooit heb gehad!’”

Dit boek is een uitgelezen excuus om een hele lange treinreis te boeken en verrukkelijk ongestoord in je privé coupé met de cadans van de rijdende trein in je oren, weg te zakken in een romantische affaire met, zoals het hoort, tragische kantjes.

ISBN: 9789083095936

Sterren: ***

Uitgeverij: van Maaskant Haun

Ook verschenen op Bazarow 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *