Ine Boermans – Een opsomming van tekortkomingen

 

Monsters in je hoofd          

Lot komt bij haar nieuwe psych, een man met een vriendelijk vierkant hoofd. Op het moment dat we dit lezen, weten we nog niet dat Lot heel wat meegemaakt heeft, haar moeder een oude hippie en haar vader een manipulatieve lulhannes is, en zij tussen die twee krachten figuurlijk gemangeld wordt.

De psych wil weten waarom ze komt. Omdat ze visioenen heeft, zoals wanneer ze de was staat te vouwen denkt: ‘die arme mensen stonden ook gewoon de was te vouwen voor ze de volgende dag samen met hun kinderen werden vergast in Auschwitz.’

Na enig peinzen zegt de psych: ‘Was het niet veel verder dan één dag rijden met de trein, Auschwitz?’

Lot noemt een ander voorbeeld: ‘Als ik worst eet, dan denk ik aan al die varkens die worden doodgeknuppeld.’

Psych weer: ‘Worden varkens doodgeknuppeld? Ik dacht dat knuppelen meer iets voor zeehondenbaby’s was?’ Dit soort droge humor tilt het op zich trieste verhaal boven het doorsnee klaagverhaal uit, terwijl het wel degelijk binnenkomt.

Naast de humor valt het sterke gebruik van de taal op. In enkele woorden zet Boermans een helder of zeer schrijnend beeld neer, zoals weer over Lots visioenen: “de beren die aan een korte ketting van de ene voet op de andere springen omdat hun beschadigde poten zo’n pijn doen.” Zo’n simpel zinnetje dat pijn, verdriet, medelijden en uitzichtloosheid opwekt – dan kun je schrijven. Het beeld van dansende beren bleef deze recensent in elk geval nog lang daarna kwellen.

De absurdistische bezoekjes aan de begrijpend meeknikkende therapeut die nul opzienbarende conclusies trekt uit Lots getormenteerde zielenroerselen is de ene verhaallijn. De tweede is het contact met Lots moeder. Dat verloopt door korte briefjes, waaruit Lots moeder materialiseert als een iets te vrijgevochten, wilde, onverantwoordelijke, eigenlijk ronduit onbetrouwbare moeder. Boermans houdt hier goed maat. De briefjes zijn afwisselend genoeg om te willen lezen en geven de informatie in behapbare brokjes door, zodat de lezer een steeds beter beeld krijgt van haar feitelijk egoïstische moeder.

Het derde element is Lots contact met haar vader. Nodeloos te zeggen dat ook dat verre van soepel gaat. De man is een narcistische, egoïstische botte eikel met een opvliegend karakter. Als het tussen hem en Lots moeder niet goed meer gaat, en hij op zichzelf woont, probeert hij Lot aan zijn kant te krijgen. Dat gaat er subtiel aan toe:

“Elk weekend bij hem was een aaneenschakeling van tegenstrijdigheden waarin mijn loyaliteit flink op de proef gesteld werd.

Hij legde me uit dat ik beter bij hem kon wonen. Dat hij stabieler was en in staat om een vaste relatie te hebben. Dat hij een baan had, meer centjes en gewoon all-over een betere persoon was dan mijn moeder. Hoger opgeleid, minder emotioneel, sterker in opvoeden. Maar verder geen slecht woord over mijn moeder, want zo was hij niet. Niets dan lof.”

Papa trouwt met een andere, daarna stiefmoeder, maar is zo attent om zijn dochter met enige regelmaat brieven te sturen. Daarin herhaalt hij zijn ‘ik heb altijd zo goed voor je gezorgd, je moeder is een nul’–riedel. Tussen al dat geweld moet de arme Lot zich staande zien te houden. Toch gaat het langzaam beter met haar als ze begint met haar belevenissen op papier te zetten. Dat doet ze zo goed, dat we nu haar wonderlijk tenenkrommende geschiedenis kunnen lezen en er – voorzichtig – om kunnen lachen. In de hoop dat het inderdaad beter gaat met Lot.

Sterren: ****

ISBN: 9789493081864

Uitgeverij: Orlando

Ook verschenen op De Leesclub van Alles 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *