Augustus 2009

Terug naar Home




24 augustus 2009
01001000 01100101 01110100 00100000 01100111 01110010 01100001 01100110 00100000 01101101 01100101 01110100 00100000 01101000 01100101 01110100 00100000 01101100 01101001 01100011 01101000 01110100 01101010 01100101 -10

01001000 01100101 01101100 01110000 00101110 00100000 01001001 01101011 00100000 01100010 01100101 01101110 00100000 01101110 01110101 00100000 01101000 01100101 01110100 00100000 01100111 01100101 01101000 01100101 01110101 01100111 01100101 01101110 00100000 01110110 01100001 01101110 00100000 01100101 01100101 01101110 00100000 01100011 01101111 01101101 01110000 01110101 01110100 01100101 01110010 00101110 00100000 01001000 01100001 01100001 01101100 00100000 01101101 01100101 00100000 01101000 01101001 01100101 01110010 01110101 01101001 01110100 00100001 00100001

Vertaal

Reageren?
1 reactie
1 reactie









17 augustus 2009
Het graf met het lichtje - 9
'Mm,' het mannetje pakt een apparaatje van zijn werkbank. 'Mag ik even meten? Gewoon even in uw oor. U voelt er niets van.'

Sneller dan ik kan reageren steekt hij thermometer of zoiets in mijn oor. Ik trek mijn hoofd weg, maar het ding piept al. Hij leest het af. 'Mm, wat laag. Hoe oud bent u?'

'51.'

'Mmm, ik meet een hersenslijtage van 2,4 %, dat is voor uw leeftijd extreem weinig. Mag ik vragen wat voor werk u gedaan hebt?'

'Ik heb gewerkt voor de overheid.'

Het mannetje wordt steeds enthousiaster. 'Mmmm, ambtenaar geweest, zozo, dan is er sowieso weinig versleten. Heel goed. Ik denk .. ja, laten we het maar doen. Koko!!'

Een schaduw komt uit de hoek, zie ik het goed? Vast niet. Geen gorilla?

Toch wel. 'Pak hem en bind hem aan de tafel,' zegt het mannetje. 'We hebben nieuwe hersens gevonden.'

Als een rollade lig ik op tafel, het mannetje houdt van opschieten merk ik. Hij pakt iets dat op een haakse slijpschijf lijkt en zet het aan. Dat geluid ken ik. Het klinkt als de boor van de tandarts.

Behalve dat het een cirkelzaagje is. En dat het er heus wel dreigend uitziet. Vooral als het net boven je wenkbrauwen hangt omdat iemand er je schedel mee gaat openzagen.

Reageren?











12 augustus 2009
Het graf met het lichtje - 8
Het mannetje kijkt me eerst ongelovig aan. Dan vragend. Dan ontzet. Dan boos. Dan woedend. Dan razend. En daarna springt hij tegen me op. Bons, bonk, benk, bof, knal! Zijn vuisten roffelen op mijn borst, mijn buik. Hij brult: 'Mijn yottabytegeheugen! Hij was bijna klaar! Nu heb je hem vernield. Barbaar! Filistijn! Vandaal! Hooligan! Lomperd! Niksnut!'

'Nou, niksnut…' zeg ik, terwijl ik hem van me af probeer te houden. Hij wordt alleen maar furieuzer en blijft slaan. Ik duw hem op de grond en hou zijn handen vast. 'Sorry, het was een ongelukje.' voeg ik eraan toe.

'Je bent zelf een ongelukje!' briest de kleine man. 'Weet je wat je gedaan hebt?'

'De pot is van tafel gevallen?'

Het mannetje ontploft bijna. 'En waarom??? Ik schrok ja!!! Als jij me niet had beslopen, had ik nu nog de hersens van Wodan gehad. Vijf jaar ben ik bezig om elektrodes te implanteren, verbindingen te leggen, knooppunten te maken in die hersens. Ik was bijna klaar, kon bijna proefdraaien. Maar nee, meneer hier stoot mijn pot van tafel!'

'Eh, strikt genomen deed u dat zelf,' werp ik voorzichtig tegen. 'Maar kunnen we geen andere hond zoeken?' De hersens van Wodan zijn onbruikbaar, dat zie ik wel. De inhoud van de pot is op de vloer uit elkaar gespat. Grijze slierten snot hangen aan de tafelpoten, slijmerige stukjes hersens zijn tegen de broekspijpen van het mannetje en van mij gespetterd, draderig, glibberig vocht ligt overal om ons heen.

Het mannetje sist: 'Als je nog een jaar wilt zoeken! Zolang kostte het me om Wodan te vinden. Zijn hersens hadden de goede structuur, ze waren nog niet veel gebruikt zoals dat hoort bij honden, en hij lag netjes in een grafje. Weet je hoeveel honden ze tegenwoordig nog begraven? Nul meneer. Alles gaat met het grofvuil mee. Nee, zoeken wordt moeilijk. Tenzij…' Hij kijkt me peinzend aan.

Reageren?











3 augustus 2009
Het graf met het lichtje - 7

Wat een groot gebouw. Met muren van plastic of een soort kunststof, zo glad en helder, zonder een smetje, en vooral erg WIT. Daar verderop is een deur.

"Kroeink." De deur piept een beetje. Ik kijk naar binnen en zie helemaal niets. Nou ja, een hele vierkante, enorme lege ruimte met glas aan de bovenkant zodat het wel licht is. Het lijkt op een vliegtuighangar of een sporthal maar dan dus leeg. Helemaal leeg? Nee, in dat hoekje beweegt wat.

Het is het mannetje. Hij staat in de verste hoek gebogen over een tafel.

Ik wandel erheen. Op tafel staat een grote glazen pot. Naast de tafel staat een generator en nog een paar andere machines. Hij is neuriėnd bezig met een tangetje en een schroevendraaiertje, met zijn handen in de pot. Maar wat zit erin?

'Ahum', kuch ik.

Het mannetje schrikt. Hij maakt een wilde beweging, stoot tegen de pot. Die schuift een stukje opzij, wankelt, balanceert heel even op het randje van de tafel en stort dan op de betonnen vloer. Allemaal geluiden tegelijk: "Rinkel! Breek! Versplinter!" En zachter, maar veel goorder: "Spletsj!"

Uh-oh.

Reageren?