Augustus 2007

Terug naar Home

31 augustus 2007
Gloeiender (7)


'We zijn er. Kijk eens hoe de tuin gegroeid is!'
'Ja. Morgen effe tanken, de tank is bijna leeg.'
'Hèhè, dat was een lange zit. Ik ben helemaal stijf. Jij?'
'Ik ook. Effe strekken. Oeeoeoeooeoeo.'
'Eindelijk thuis. Hoe lang hebben we er nu over gedaan?'
'Negen uur en een kwartier. Toch nog snel.'
'Je reed ook wel erg hard in België.'
'Ja, maar alleen waar geen flitsers stonden. Dat geeft mijn NelNel aan.'
'Je wat?'
'Mijn navigatiesysteem. Elke dag laadt hij de nieuwste flitspalen, en elke dag krijg je gratis een nieuwe vrouwenstem erbij bij die alles opleest. Vandaar de naam NelNel.'
'Aha, vandaar die vrouwenstemmen de hele tijd. Mankeert er iets aan mijn stem?'
'Natuurlijk niet liefje. Het is gewoon, nou ja, een geinig elektronisch dingetje, daar moet je niets achter zoeken.'
'O.'
'Kom op, gaan we weer overal een punt van maken? Dat had je in het appartement ook al.'
'O ja?'
'Met dat stofzuigen toen we weggingen, weet je nog? Jij moest zonodig stofzuigen, terwijl ze heus wel een schoonmaakster hebben rondlopen hoor.'
'Oo?'
'Ja, natuurlijk. Onzin om te gaan lopen schoonmaken in je vakantie. Plus je hebt ervoor betaald.'
'Dat vind ik dus een kwestie van fatsoen. Je laat het netjes achter, zo hoort dat.'
'Hoezo zo hoort dat? Dat vind ik dus niet.'
'Ik wel.'
'Ik niet.'
'Zucht - Welles nietes deden we niet meer na je 10e. Ik stap uit. Gaan we de auto nu leegmaken of morgen?'
'Morgen natuurlijk. Ik wil nog een wijntje, even de post bekijken en dan slapen.'
'Okee. Kijk eens, dat plantje.'
'Welk plantje?'
'Hier, dat plantje dat ik in een pot heb gezet voor we weg gingen.'
'Is dat een plantje? Ziet er niet zo best uit.'
'Nee, het is verdroogd. Hoe kan dat nou? Ik had het speciaal buiten gezet zodat het nat kon regenen.'
'Dan had je het niet zo dicht bij het huis moeten zetten.'
'O, zou het dak...'
'Ja, kijk, het steekt uit tot voorbij dat plantje. Als het geregend heeft, is dat niet op het plantje gevallen. Kun je wel zien, daar zit geen leven meer in.'
'Ach, zonde.'
'Ja. Heb jij de sleutel van de voordeur?'
'Het zou zo'n leuke bloem worden. Het is echt dood hè?'
'Yep. Het is een droogbloem geworden.'
'Ja, hè, wat sneu.'
'Geef die sleutel es.'
'Ach gos, dat plantje.'

Reageren?




29 augustus 2007
Gloeiende (6)


Kghhh.

Kan - bijna - niet - meer - denken. Water!

Zon - is - te - scherp.

Water?

Help.

He…

………………..

Reageren?




25 augustus 2007
Gloeiend (5)


Argl.

Dorst.

Ik sta hier nu vijf zonnen en zes manen.

Het gaat niet goed. Mijn cellen krijgen geen water. Er valt wel water, maar dat valt buiten mijn pot. Het huis laat al het water naast me vallen. Wat moet ik doen? Mijn blaadjes hangen slap. Zo meteen komt de zesde zon op. Ik voel zijn stralen al.

Dorst.

Aargl.

Reageren?




21 augustus 2007
Groeiend (4)


Help. Help!

Ze luistert niet. De mens pakt me op, tilt me weer hoog boven de grond. Nu gaan we bewegen. Nee - neee!

Toch wel. Ze loopt met me door het huis. Ze doet iets open, we lopen erdoor, ze doet het weer dicht. Waar zijn we nu? Er is hier veel meer licht en lucht en zuurstof. Ze zet me neer. Daarna gaat ze niet naar binnen maar ze gaat weg. Met andere mensen samen gaat ze weg. Hee, laat me niet alleen!

Het helpt niet. Ze laat me gewoon alleen. Gek is het hier. Veel geluiden. Veel lucht die langs me stroomt, dat is wind. En druppels die vallen, maar niet op mij. Iets boven mij houdt de druppels tegen. O jee. Een stuk van het huis. Maar…maar…. ik moet water hebben! Anders droog ik uit.

Reageren?




14 augustus 2007
Groeien (3)


Goed! Nee, FANTASTISCH! Zo voelde mijn leven boven de grond, na maandenlang leven als een zaadje. Ik was in de buitenlucht. Ik groeide. De hemel was de limiet.

Mijn cellen werkten als paarden. Ze duwden me omhoog. Wat was het licht hier buiten krachtig. Elke zon groeide ik een stukje. Vandaag kom ik uit mijn schulp. Wie-hoeooo.

Toen zag ik voor het eerst De Mens. Ze tilde me op, hoog boven de grond, en kwam met haar glimmende kijkdingen heel dichtbij. Toen zette ze me weer neer en gaf me water. Gloe,gloe,gloe.

Het duurde een zon en een maan voor ik over die schrik heen was. Dat moet ze nooit meer doen. Maar… maar… voel ik haar lopen? Ja, ze komt eraan - alarm!

Reageren?




8 augustus 2007
Groeie (2)


Ja, het Signaal! Daar wachtten de cellen op. Ze begonnen zich te delen. Gingen groeien. En delen. En groeien. En delen. En groeien. En delen. Het zaadje werd te klein. Aan de bovenkant kwam er een stukje groen uit.

Er gingen zeven manen voorbij. Ons stukje groen werd een steeltje. Dat groene steeltje groeide. Door de grond heen baande het zich een weg naar boven. Naar het licht. Naar de zon. Naar de warmte.

De achtste zon gebeurde het. We braken door het bovenste laagje grond. Wij, alle cellen die zich nog steeds als gekken aan het vermenigvuldigen waren, wij waren boven de aarde. Voor het eerst kon ik iets ruiken. Buitenlucht.

Reageren?




3 augustus 2007
Groei (1)


Het was donker. Koud. Droog. Het duurde lang. Bijna langer dan ik hebben kon.

Tot ik beweging voelde.

Nog meer voelde ik. Licht. Warmte. Vocht. Ik kon het haast niet geloven, wachtte nog een paar zonnen. Je weet het nooit.

Toen was het zover. Alles bleef goed, alles voelde dat het kon. Ik gaf het Signaal.

Reageren?